notebook

Steeds vaker overvalt me iets wat je gemakkelijkheidshalve geluk zou kunnen noemen. Een toestand van bevrediging, vrede met die momenten waarop die momenten de momenten zijn. Dat ik dezer dagen nog vermoeider rondloop dan anders is daar waarschijnlijk niet vreemd aan: een vreemde combo van uitputting & hoop, bewustzijn en onbewustzijn. Al die duizenden indrukken van een dag: ze slaan me weleens uit balans, maar dan is dat maar zo. Wat ik wel denk: hoeveel gaat er toch verloren op zo'n dag. Tientallen of honderden mensen die ons op een meter afstand kruisen, een veelvoud waarvan we gestalten, gezichten en schaduwen zien. Lawaai blijft een energievreter natuurlijk: motoren, motoren, ergens in mijn lichaam activeren ze een kluwen van pezen of neuronen die eigenlijk wel iets beters zouden kunnen doen. Maar zo is het. Die indrukken dus: taal weet ze lang niet altijd te vatten - beelden, droombeelden, gebaren, geluiden, ... maar op een of andere manier zullen ze hun weg naar het papier toch wel vinden. Slingerend, traag, bijna onwaarneembaar, maar er zit schot in de zaak.

Iets anders wat me de laatste weken bezighoudt: de liefde, die tweebaansweg met tussenstrook. Als een rodeo-rijder probeer ik mijn emoties te rationaliseren, onderscheid makend tussen het ik en de ander, de projectie (van dromen, verlangens, verledens) en de realiteit. Da's trouwens niet zo moeilijk: mijn sentimentele seismografie past makkelijk op een A4-tje, 't is iets tussen ijdelheid, domheid en onschuld in met een occasionele uitschieter van gevoelens van verliefdheid - die dan vakkundig getemperd worden door de dame(s) in kwestie. In de tussentijd maakte ik een hernieuwde start met De H is van Havik van Helen MacDonald, een auteur met een eigen register, en zodoende ook ... een ideaal.

Comments

Popular posts from this blog

Crisis of transitie?

vreemde, hoopvolle dagen